Indonesia: Gouden tijd (Indonesia: masa emas)
Cleaned OCR text (Fair (0.815); proof-reading: whole text (Claude, Oct 2026)). Old Indonesian spelling has been converted to modern EYD. [Unreadable] marks text that could not be recovered. English translation below.
Text
Gouden tijd
VERSCHEIDENE kranten in Djakarta beleven een gouden tijd. Na de mislukte staatsgreep wordt in Indonesië schoonmaak gehouden. Personen en organisaties, verdacht van relaties met de opstandige beweging, worden als paria's geschuwd. Maar wat is het criterium? Algemeen gaat men ervan uit, dat een veroordeling van de staatsgreep een aanwijzing is voor iemands onschuld. Reeds meer dan twee maanden verschijnen in de dagbladen te Djakarta, Medan en andere steden grote advertenties van instanties, bedrijven, verenigingen en individuele personen, waarin de staatsgreep wordt veroordeeld en medeleven wordt betuigd met de dood van de slachtoffers. Tegelijkertijd wordt trouw betuigd aan Soekarno. Deze advertenties dienen niet alleen om zich te verschonen doch ook om faciliteiten te verkrijgen. Alle banken in Indonesië hebben namelijk een instructie gekregen van de regering om de rekeningen te bevriezen van degenen, die op enigerlei wijze in connectie hebben gestaan met de staatsgreep. Ook bij het verlenen van krediet moet daarmee rekening worden gehouden. De banken kunnen moeilijk iedere cliënt nagaan. Zij werken samen met de militaire autoriteiten, maar verkregen daardoor geen voldoende exacte gegevens. Een verwijzing naar geplaatste advertenties brengt vaak de doorslag. Hoe groter het formaat van de advertenties, hoe meer indruk de adverteerder met zijn bonafiditeit wil wekken. De kranten varen er wel bij. Veertig tot [Unreadable] pct. van de advertentie-ruimte wordt door bovengenoemde verklaringen in beslag genomen. Naast de advertentietarieven stijgt ook de prijs van de losse nummers van een krant met 100 tot 500 pct. Een krant, die normaal 75 roepiah per exemplaar kostte, wordt nu gretig voor [Unreadable] tot 500 roepiah gekocht. Doch, daar de oplage beperkt is wegens de gelimiteerde papiertoewijzing, overtreft de vraag voor bepaalde favoriete kranten nog steeds het aanbod. Krantenkiosken in Djokja hebben daar iets op gevonden. Vaste klanten van losse nummers mogen de krant lezen voor 35 roepiah. De krant mag echter niet mee naar huis worden genomen, maar moet bij de kiosk gelezen en teruggegeven worden.
Prijsstijgingen
ER schijnt geen eind te komen aan de prijsstijgingen in Indonesië. De regering weet blijkbaar ook geen andere remedie dan de inkomens op te voeren, met de kans, dat de prijzen weer omhoog gaan. Er zijn plannen om de schamele lonen van de regeringsambtenaren en de militairen op te trekken. Maar aan de andere kant neemt de regering terug wat zij uitgeeft. Zij is begonnen met de treintarieven met 180 tot 400 pct. te verhogen. Daarna volgde een stijging van de telegraaf- en posttarieven met gemiddeld 600 pct. Ook benzine is veel duurder geworden.
Een andere onopvallende wijze van de regering om extra geld uit het volk te persen is de verkoop van de zgn. Conefopostzegels. Zoals gemeld, wordt in Djakarta een gebouwencomplex opgericht voor een Conferentie van de nieuw opgekomen krachten (Conefo) volgend jaar. Ter bestrijding van de bouwkosten heeft de Indonesische regering Conefopostzegels uitgegeven, met toeslagen van 20 tot 50 pct. De postkantoren in Indonesië verkopen sinds maanden uitsluitend deze Conefo-postzegels. Het volk wordt geen keuze gegeven tussen deze en normale postzegels en wordt in feite gedwongen een bijdrage te leveren aan de Conefo. Opmerkelijk is, dat er tot dusver geen bezwaren in het publiek zijn geuit tegen de tariefsverhogingen. In het verleden stond de PKI vooraan met protesten tegen de hoge kosten voor levensonderhoud. Kennelijk vreest men nu als deelnemer aan de staatsgreep bestempeld te worden wanneer men een protest laat horen tegen de regeringsbesluiten.
Juristen op de vuist
TERWIJL rechter Soebandi bezig was zijn uitspraak te doen in een diefstalzaak te Malang (Oost-Java), kreeg hij plotseling een klap in zijn nek van de djaksa (officier van justitie) die naast hem zat. Mr. Soebandi ging echter rustig verder en sprak de beklaagde vrij. De toornige djaksa verliet de rechtszaal. De oorzaak van de klap bleek te zijn, dat de rechter ruggespraak had gehouden met de djaksa voordat hij uitspraak deed. Rechter Soebandi deelde de djaksa toen mede, dat naar zijn overtuiging de beklaagde vrijgesproken moest worden. De djaksa, mr. Arifin Boelow, was het er niet mee eens en stond erop, dat beklaagde gestraft zou worden. Doch de rechter voerde zijn besluit uit. De djaksa kon zijn woede niet inhouden en werd handtastelijk. Het unieke incident wekte opschudding in de Indonesische justitiële wereld. De djaksa werd voor de rechtbank in Malang gebracht en kreeg zeven dagen hechtenis. Hij is in hoger beroep gegaan.
„Gerwani, dood haar"
EEN groep inwoners van een dessa nabij Tasikmalaja (West-Java) rende de straat op en schreeuwde: „Gerwani... Gerwani... geef haar ervan langs..." De groep was gewapend met messen, bamboesperen, enz. De andere dessabewoners sloten zich aan en ook schoolkinderen echoden: „Gerwani, Gerwani... dood haar." De Gerwani is de communistische vrouwenbeweging en met die naam worden ook de leden aangeduid. Ze worden nu vaak achtervolgd, daar velen van hen medeplichtig zijn aan de staatsgreep. Twee leden van de Gerwani dachten dat nu hun laatste uurtje was geslagen en namen de benen. Drie dagen lang verborgen zij zich in een naburig bos. Ten slotte durfden zij weer te voorschijn te komen en slopen naar hun huizen. Toen zij een buurvrouw schichtig vroegen, wat er toch met die Gerwani-jacht aan de hand was geweest, antwoordde deze: „O, de dessamensen maakten jacht op een loeak (een soort marter) die al enige keren kippen in de dessa had opgevreten." Het bleek dat sommigen in een naburige dessa het woord „Gerwani" hadden opgevangen toen daar werkelijk jacht werd gemaakt op leden van de Gerwani. Zij hadden echter de betekenis van dat woord niet begrepen.
English translation
=== [Page 1] ===
Indonesia: Golden time
SEVERAL newspapers in Djakarta are having a golden time. After the failed coup a clean-up is being held in Indonesia. Persons and organisations suspected of relations with the rebellious movement are shunned as pariahs. But what is the criterion? It is generally assumed that a condemnation of the coup is an indication of one's innocence. For more than two months large advertisements have been appearing in the dailies of Djakarta, Medan and other cities from agencies, companies, associations and individuals, in which the coup is condemned and sympathy is expressed with the death of the victims. At the same time loyalty to Soekarno is declared. These advertisements serve not only to clear oneself but also to obtain facilities. All banks in Indonesia have namely received an instruction from the government to freeze the accounts of those who in any way have been connected with the coup. This must also be taken into account in granting credit. The banks can hardly check every client. They co-operate with the military authorities, but thereby do not obtain sufficiently exact data. A reference to placed advertisements often tips the scale. The larger the format of the advertisements, the more impression the advertiser wants to make of his bona fides. The newspapers do well out of it. Forty to 78 percent of the advertising space is taken up by the above-mentioned declarations. Besides the advertising rates the price of single copies of a newspaper also rises by 100 to 500 percent. A paper that normally cost 75 rupiah per copy is now eagerly bought for 200 to 500 rupiah. But since the circulation is limited because of the limited paper allocation, the demand for certain favourite papers still exceeds the supply. Newspaper kiosks in Djokja have found something for this. Regular customers of single copies may read the paper for 35 rupiah. The paper may not be taken home, however, but must be read at the kiosk and returned.
Price rises
THERE seems to be no end to the price rises in Indonesia. The government apparently knows no other remedy than to raise incomes, with the risk that prices go up again. There are plans to raise the meagre wages of government officials and the military. But on the other hand the government takes back what it spends. It started by raising train fares by 180 to 400 percent. Then followed a rise of telegraph and postal rates by an average of 600 percent. Petrol has also become much dearer.
Another inconspicuous way for the government to squeeze extra money out of the people is the sale of the so-called Conefo postage stamps. As reported, a building complex is being erected in Djakarta for a Conference of the Newly Emerging Forces (Conefo) next year. To defray the building costs the Indonesian government has issued Conefo stamps, with surcharges of 20 to 50 percent. The post offices in Indonesia have for months sold exclusively these Conefo stamps. The people are given no choice between these and normal stamps and are in fact forced to make a contribution to the Conefo. It is remarkable that so far no objections have been voiced by the public against the tariff increases. In the past the PKI was at the front with protests against the high cost of living. Evidently one now fears being branded a participant in the coup if one voices a protest against government decisions.
Lawyers come to blows
WHILE judge Soebandi was delivering his verdict in a theft case at Malang (East Java), he suddenly received a blow on the neck from the djaksa (public prosecutor) who sat next to him. Mr. Soebandi, however, calmly went on and acquitted the defendant. The angry djaksa left the courtroom. The cause of the blow turned out to be that the judge had consulted with the djaksa before he delivered the verdict. Judge Soebandi then informed the djaksa that in his conviction the defendant had to be acquitted. The djaksa, Mr. Arifin Boelow, did not agree and insisted that the defendant be punished. But the judge carried out his decision. The djaksa could not contain his anger and became violent. The unique incident caused a stir in the Indonesian judicial world. The djaksa was brought before the court in Malang and received seven days' detention. He has appealed.
"Gerwani, kill her"
A GROUP of inhabitants of a desa near Tasikmalaja (West Java) ran into the street shouting: "Gerwani... Gerwani... give her a beating..." The group was armed with knives, bamboo spears, etc. The other desa inhabitants joined in and school children also echoed: "Gerwani, Gerwani... kill her." The Gerwani is the communist women's movement and its members too are designated by that name. They are now often pursued, since many of them are accomplices in the coup. Two members of the Gerwani thought their last hour had struck and took to their heels. For three days they hid in a neighbouring forest. Finally they dared to come out again and crept to their houses. When they nervously asked a neighbour woman what the Gerwani hunt had been about, she answered: "Oh, the desa people were hunting a loeak (a kind of marten) that had already several times eaten chickens in the desa." It turned out that some people in a neighbouring desa had caught the word "Gerwani" when there a real hunt was being made for members of the Gerwani. They had not, however, understood the meaning of that word.