Gerwani Archive
Researcher log in

← GA-00972

Sociale systeem (over de Indonesische vrouwenbeweging na 1949)

Cleaned OCR text (Good (0.882); proof-reading: no (script-cleaned only)). Old Indonesian spelling has been converted to modern EYD. [Unreadable] marks text that could not be recovered. English translation below.

Text

Terugblikkend, denk ik, dat alleen in een waarachtige Revolutie deze gelijkheid van vrouwen en mannen met gelijke rechten en plichten, een realiteit kan worden. Wat daarna komt en of deze gelijkheid duurzaam zal zijn, is, denk ik, een kwestie van macht en machtsverhoudingen, van het sociale systeem en van de instelling van de vrouw zelf. Ik denk hierbij aan sommige rechten die de werkende vrouw tijdens de revolutie heeft kunnen verwerven, zoals het recht op drie maanden zwangerschapsverlof en twee dagen menstruatieverlof, die wettelijk waren vastgelegd, maar waar later nooit meer van gehoord werd. Hoe was de positie van de Indonesische vrouwenorganisaties? In het begin van de revolutie tot en met 1949 hadden de vrouwenorganisaties die zich verenigd hadden in de Kowani, het Indonesische Vrouwencongres, hun activiteiten geconcentreerd op de strijd achter de gevechtslinies in de verdediging van de net geproclameerde Republiek van Indonesië. Achter de gevechtslinies werden de gaarkeukens, het Rode- Kruiswerk, het koeriers-netwerk en het wapentransport door de vrouwenorganisaties georganiseerd. De gezamenlijke strijd voor het behoud van de toen jonge Republiek had een hechte band voor eenheid gesmeed in de vrouwenbeweging. In de periode na de Revolutie na 1949 was het vooral de Gerwani, de progressieve vrouwenorganisatie met een ledental van ongeveer anderhalf miljoen leden, die het massale, dynamische karakter gaf aan de Indonesische vrouwenbeweging. Haar aktiviteiten waren vooral gericht op de verdediging van de rechten van de brede laag van de armeen lage middenklasse van boerenvrouwen, en de werkende vrouw in ( het algemeen. Op het vlak van de. rechten van de vrouw die hoofdarbeid verrichtte, streefde zij vooral voor gelijkheid van kansen van werk [ en carrière en van onderwijs. Op he - gebied van de strijd tegen de polygamie, was het de Perwari die een ] dominante positie innam. ] In het midden en eind van de jaren ) vijftig begon de eenheid van de Indo- ] nesische vrouwenbeweging af te < brokkelen. De vrouwenorganisaties j die volgens traditie, met uitzonde- ] ring van de Perwari, ideologisch of ( organisatorisch aan één of ai politieke partij verbonden wa: kwamen hevig onder druk van dfl: strijd om de macht tussen de verschillende krachten in het leger, de presidentiële macht van Sukarno efl de politieke partijen. In de periode van de Nieuwe Ord* die in 1965 begon, werd de Gerw verboden en werden andere vrou-j wenorganisaties lam geslagen. Ik vraag me af: kun je nu nog van eeij Indonesische vrouwenbeweging spreken waar de strijd voor de fundamentele mensenrechten van de vrouw, haar specifieke vrouwenrechten en haar politieke rechten, centraal staat? Neen! Ik ben er van overtuigd dat die niet bestaat. Wat ei wel is zijn inderdaad twee grote vrouwenorganisaties, de Dharma Wanita, wier leden uit de echtgenoten van de ambtenarij bestaat, en de Dharma Pertiwi, waarvan de echtgenoten van legermensen het ledenta uitmaken. Als wij deze organisaties als belangenorganisaties zouden mogen bestempelen, dan zouden wij rustig kunnen zeggen, dat beide organisaties de belangen van de bevoorrechte bureaucratie van het Suharto regierf en die van het leger dienen. Naast deze twee organisaties, is er de PKK. (de Behartiging van Gezins- en Familiewelvaart), die verondersteld wordt gezins- en opvoedingsproblemen, geboortebeperking en omgangsetiquette op te lossen. De PKK, wier bestuursleden uit de vrouwen van stads-, wijk-, en dorpsbestuurders bestaat, probeert hiermee de onderste lagen van de vrouwenbevolking te bereiken en te mobiliseren in het belang van de heersers van de Nieuwe Orde. Ik kan me niet aan de indruM onttrekken dat de vrouwenbeweging in Indonesië onder het huidige regiem is bedoeld als bolwerk om verandering en verbetering tegen te gaan, tegen vooruitgang en tegen vrijheid, tegen alles wat menselijk! waardigheid zou kunnen bevordel ren. Is het dit wat Kartini op het ooi had? Neen, en daarom is nu na de vestiging van de militaire dictatuu' een andere, een nieuwe vrouwenbe-j weging noodzakelijk die de id< van Kartini hoog houden. Ik ben e' van overtuigd dat dit niet tegen te houden is.

English translation

=== [Page 1] === Looking back, I think that only in a true Revolution can this equality of women and men with equal rights and duties become a reality. What comes after, and whether this equality will be lasting, is, I think, a matter of power and power relations, of the social system and of the attitude of women themselves. I am thinking here of some rights that working women were able to acquire during the revolution, such as the right to three months' pregnancy leave and two days' menstruation leave, which were laid down by law, but of which nothing was ever heard again later. What was the position of the Indonesian women's organisations? At the beginning of the revolution up to 1949 the women's organisations that had united in Kowani, the Indonesian Women's Congress, had concentrated their activities on the struggle behind the fighting lines in defence of the just-proclaimed Republic of Indonesia. Behind the fighting lines the soup kitchens, the Red Cross work, the courier network and the transport of weapons were organised by the women's organisations. The joint struggle for the preservation of the then young Republic had forged a close bond of unity in the women's movement. In the period after the Revolution, after 1949, it was above all the Gerwani, the progressive women's organisation with a membership of about one and a half million, that gave the Indonesian women's movement its massive, dynamic character. Its activities were directed above all at defending the rights of the broad layer of poor and lower-middle-class peasant women, and the working woman in general. In the field of the rights of women who did intellectual work, it strove above all for equality of opportunity in work and career and in education. In the field of the struggle against polygamy it was the Perwari that took a dominant position. In the middle and late fifties the unity of the Indonesian women's movement began to crumble. The women's organisations, which by tradition, with the exception of the Perwari, were ideologically or organisationally attached to one political party, came under heavy pressure from the struggle for power between the different forces in the army, the presidential power of Sukarno and the political parties. In the period of the New Order, which began in 1965, the Gerwani was banned and other women's organisations were crippled. I ask myself: can one still speak of an Indonesian women's movement in which the struggle for the fundamental human rights of women, their specific women's rights and their political rights is central? No! I am convinced that it does not exist. What there is are indeed two large women's organisations, the Dharma Wanita, whose members consist of the spouses of the civil service, and the Dharma Pertiwi, whose membership is made up of the spouses of army men. If we may label these organisations as interest organisations, then we could calmly say that both organisations serve the interests of the privileged bureaucracy of the Suharto regime and those of the army. Besides these two organisations there is the PKK (the Promotion of Family Welfare), which is supposed to solve family and upbringing problems, birth control and etiquette. The PKK, whose board members consist of the wives of city, district and village administrators, tries with this to reach and mobilise the lowest layers of the female population in the interest of the rulers of the New Order. I cannot escape the impression that the women's movement in Indonesia under the present regime is intended as a bulwark to counter change and improvement, against progress and against freedom, against everything that could promote human dignity. Is this what Kartini had in mind? No, and therefore, now after the establishment of the military dictatorship, another, a new women's movement is necessary that holds high the ideas of Kartini. I am convinced that this cannot be stopped.