Koninklijke krans gewenst op graf Sukarno (met profiel van S.K. Trimurti)
Cleaned OCR text (Good (0.899); proof-reading: no (script-cleaned only)). Old Indonesian spelling has been converted to modern EYD. [Unreadable] marks text that could not be recovered. English translation below.
Text
JAKARTA - Vier prominente Indonesiërs hebben een dringend beroep gedaan op koningin Beatrix haar staatsbezoek niet te beperken tot een economische en culturele uitwisseling, in een brief aan de koningin vraagt het viertal -onder aanvoering van de voormalige minister van financiën Frans Seda- 17 augustus 1945 alsnog te erkennen als de dag waarop Indonesië onafhankelijk werd.
Van Nederlandse zijde wordt nog steeds 27 december 1949, de datum van de soevereiniteitsoverdracht, als de dag van de officiële Indonesische onafhankelijkheid beschouwd. De briefschrijvers suggereren dat de koningin vandaag een krans zou moeten leggen bij het monument voor de stichters van de staat, Sukarno en Hatta, om definitief een streep onder het verleden te zetten.
Het is een opmerkelijke actie van het viertal. Seda was onder Sukarno minister van transport en werd later tijdens het bewind van Suharto onder meer minister van financiën en nadien ambassadeur in België. Hij is nu onder meer voorzitter van het forum Indonesië-Nederland.
De andere ondertekenaars zijn Subroto Kusmardjo en Pamoe Rahardjo, onder meer actief in de Peta, een vereniging van oud-strijders en -heel verrassend dra Surastri Karma Trimurti, de 83-jarige oud-minister van arbeid, die fel tegen het bewind-Suharto is gekant maar dat zelden in het openbaar laat blijken. Trimurti maakt deel uit van de groep Petisi 50, de dissidente groep van vijftig, die al in 1980 voor die tijd buitengewoon scherpe kritiek uitte op het bewind-Suharto.
Trimurti is oud in jaren, maar jong van geest. "Pas als je de honderd gepasseerd bent, ben je oud." Ze stond met Sukarno en Hatta aan de wieg van de revolutie, was betrokken bij de opstelling van de onafhankelijkheidsverklaring en was in 1947 de eerste vrouwelijke minister in de regering-Sukarno.
Vanaf de jaren dertig speelde Trimurti een belangrijke rol in de onafhankelijkheidsstrijd in Indonesië. Als journaliste stelde ze de misstanden van het Nederlandse koloniale systeem aan de kaak en pleitte ze in het spoor van Sukarno voor een eigen koers voor de Indonesiërs. In die tijd gaf ze frank en vrij haar mening. De openheid van toen staat in schril contrast met de rol die ze nu op de achtergrond vervult.
Slechts twee keer verliest ze haar reserves. Dat gebeurt als de naam van de vorige week vrijgelaten Subandrio valt, de eveneens 83-jarige voormalige vicepremier onder Sukarno die tot levenslang was veroordeeld. Subandrio acht Sukarno nu medeverantwoordelijk voor zijn langdurige celstraf, nadat hij was beschuldigd van betrokkenheid bij de mislukte communistische staatsgreep van 1965.
Trimurti, die in Sukarno's tijd steeds een voorstaande rol speelde in de Indonesische politiek, weet als weinig anderen dat Subandrio liegt. "Het is niet waar," zegt ze. "Maar Subandrio heeft het met Suharto op een akkoordje gegooid om vrij te kunnen komen."
Ze ontvangt ons in haar woning aan de Jalan Kramat Lontar, in de wijk Cikini. Haar huis ademt de sfeer van een roemrijk verleden. Aan de muur foto's van haar met Sukarno en andere grootheden uit de revolutie. In de kamer dient een afgescheiden gedeelte als haar werkvertrek.
Ze groeide op in de desa, in Bojolali, in Midden-Java als dochter van een ambtenaar, die uiterst karig werd beloond door het Nederlandse gouvernement. Soerastri Karma volgde een opleiding tot onderwijzeres aan een school voor inlanders. Drie jaar lang werkte ze als onderwijzeres, maar vanaf 1933 kwam ze in de ban van Sukarno.
In het boek Verboden voor honden en inlanders van H. C. Beynon vertelt ze dat ze in dat jaar een openbare bijeenkomst bezocht waar Bung Karno, zoals Sukarno liefkozend werd genoemd, zou spreken. "Ik werd betoverd door zijn rede, omdat hij zo eenvoudig, duidelijk en indrukwekkend sprak. Nu begon ik door te krijgen dat de verschillen in de maatschappij, die mij al zo jong
Van Indië TOT Indonesia
waren opgevallen, verband hielden met het koloniale systeem. Het werd me duidelijk waarom het lot van ons volk zo ellendig was en dat van de blanken zo voorspoedig."
Die bijeenkomst veranderde haar leven. Ze nam ontslag als onderwijzeres en werd actief in een nationalistische partij. Ze trok na de arrestatie van Sukarno in bij diens vrouw en bleef vechten voor de politieke bewustwording van de Indonesische vrouw. In die periode nam ze ook de naam aan, waarmee ze later nationale en internationale bekendheid verwief: Trimurti, de schuilnaam waaronder ze schreef in het blad Soeara Marheani (de stem van de arme meerderheid).
Ze werd voor het eerst in 1936 gearresteerd omdat ze pamfletten wilde verspreiden tegen het imperialisme en kapitalisme. Het kwam haar op negen maanden celstraf te staan, waarbij ze als politiek gevangene een absoluut spreekverbod had. Ze ging opnieuw de cel in, toen ze later de verantwoording op zich nam van een artikel van een activist, die ervoor pleitte bij een Japanse inval de Nederlanders geen steun te verlenen.
De derde keer dat ze werd vastgezet was na de Japanse aanval op Pearl Harbour, toen het Nederlandse gouvernement iedereen interneerde, die ervan verdacht werd pro-Japan te zijn. Ze kwam pas vrij toen de Japanners inderdaad Nederlands-Indië binnenvielen. Maar de Japanners arresteerden haar in augustus 1942 op beschuldiging van ondermijnende activiteiten. Ze werd mishandeld, maar ook weer vrijgelaten om haar kinderen te verzorgen.
Sukarno zorgde er uiteindelijk voor dat ze een baantje in zijn partij kreeg. Alle maatschappelijke activiteiten waren zeer beknot of verboden door de Japanners. "Ik kwam tot de slotsom dat het Hollandse regime daarmee vergeleken zo slecht nog niet was geweest."
Ze was nadien actiefin de vrijheidsstrijd, werd in 1947 minister voor arbeid en studeerde in 1960 af als econome aan de Universiteit van Indonesië. Ze publiceerde tal van werken, werd onder meer onderscheiden met de gereputeerde Bintang Mahapura en bleef op de achtergrond een belangrijke rol vervullen in het politieke leven.
Donderdag zijn haar gedachten zonder twijfel teruggegaan naar 17 augustus 1945, toen ze met andere Indonesische leiders de grondslag legde voor de republiek. Wat er nu, vijftig jaar later nog over is van de idealen van toen, moet haar teleurstellen.
Elke week gaat ze nog trouw naar de bijeenkomsten van de dissidente Groep van 50. "Daar kunnen we zeggen wat we op ons hart hebben. Maar dat is in het Indonesië van nu helaas alleen maar mogelijk binnen vier muren."
FOTO WILLEM MIDDELKOOP Uud-minister van arbeid Surastri Karma Trimurti (83):.. Subandrio heeft het met Suharto op een akkoordje gegooid om vrij te kunnen komen..
English translation
=== [Page 1] ===
JAKARTA - Four prominent Indonesians have made an urgent appeal to Queen Beatrix not to limit her state visit to an economic and cultural exchange. In a letter to the queen the four - led by the former finance minister Frans Seda - ask her still to recognise 17 August 1945 as the day on which Indonesia became independent.
On the Dutch side 27 December 1949, the date of the transfer of sovereignty, is still regarded as the day of official Indonesian independence. The letter writers suggest that the queen should today lay a wreath at the monument to the founders of the state, Sukarno and Hatta, in order to finally draw a line under the past.
It is a remarkable action by the four. Seda was minister of transport under Sukarno and later, under the Suharto regime, among other things minister of finance and afterwards ambassador in Belgium. He is now, among other things, chairman of the Indonesia-Netherlands forum.
The other signatories are Subroto Kusmardjo and Pamoe Rahardjo, among others active in the Peta, an association of veterans, and - very surprisingly - Surastri Karma Trimurti, the 83-year-old former minister of labour, who is fiercely opposed to the Suharto regime but seldom shows this in public. Trimurti is part of the Petisi 50 group, the dissident group of fifty, which as early as 1980 voiced criticism of the Suharto regime that was extraordinarily sharp for that time.
Trimurti is old in years but young in spirit. "Only when you have passed a hundred are you old." She stood with Sukarno and Hatta at the cradle of the revolution, was involved in drafting the declaration of independence and in 1947 was the first female minister in the Sukarno government.
From the 1930s Trimurti played an important role in the independence struggle in Indonesia. As a journalist she exposed the abuses of the Dutch colonial system and, in Sukarno's wake, argued for a course of their own for Indonesians. In those days she gave her opinion frankly and freely. The openness of that time contrasts sharply with the role she now plays in the background.
Only twice does she lose her reserve. That happens when the name is mentioned of Subandrio, released last week, the likewise 83-year-old former deputy premier under Sukarno who had been sentenced to life. Subandrio now holds Sukarno co-responsible for his long prison sentence, after he was accused of involvement in the failed communist coup of 1965.
Trimurti, who in Sukarno's time always played a leading role in Indonesian politics, knows like few others that Subandrio is lying. "It is not true," she says. "But Subandrio struck a deal with Suharto in order to be able to get free."
She receives us in her home on Jalan Kramat Lontar, in the Cikini district. Her house breathes the atmosphere of a glorious past. On the wall are photos of her with Sukarno and other greats of the revolution. In the room a partitioned section serves as her workroom.
She grew up in the desa, in Boyolali, in Central Java, as the daughter of a civil servant who was extremely meagrely paid by the Dutch government. Soerastri Karma trained as a teacher at a school for natives. For three years she worked as a teacher, but from 1933 she fell under Sukarno's spell.
In the book Forbidden for Dogs and Natives [Verboden voor honden en inlanders] by H. C. Beynon she tells how that year she attended a public meeting where Bung Karno, as Sukarno was affectionately called, was to speak. "I was enchanted by his speech, because he spoke so simply, clearly and impressively. Now I began to realise that the differences in society, which had struck me already so young
From the Indies TO Indonesia
were connected with the colonial system. It became clear to me why the fate of our people was so wretched and that of the whites so prosperous."
That meeting changed her life. She resigned as a teacher and became active in a nationalist party. After Sukarno's arrest she moved in with his wife and continued to fight for the political awakening of the Indonesian woman. In that period she also took the name by which she later gained national and international fame: Trimurti, the pseudonym under which she wrote in the magazine Soeara Marheani (the voice of the poor majority).
She was first arrested in 1936 because she wanted to distribute pamphlets against imperialism and capitalism. It cost her nine months in prison, during which, as a political prisoner, she was under an absolute ban on speaking. She went to jail again when she later took responsibility for an article by an activist who argued for giving the Dutch no support in the event of a Japanese invasion.
The third time she was detained was after the Japanese attack on Pearl Harbor, when the Dutch government interned everyone suspected of being pro-Japanese. She was released only when the Japanese indeed invaded the Netherlands Indies. But the Japanese arrested her in August 1942 on charges of subversive activities. She was ill-treated, but also released again to look after her children.
Sukarno eventually saw to it that she got a job in his party. All social activities were severely curtailed or forbidden by the Japanese. "I came to the conclusion that the Dutch regime, compared with that, had not been so bad."
Afterwards she was active in the freedom struggle, became minister of labour in 1947 and in 1960 graduated as an economist from the University of Indonesia. She published numerous works, was among other things awarded the reputed Bintang Mahaputra, and continued to fulfil an important role in the background of political life.
On Thursday her thoughts undoubtedly went back to 17 August 1945, when with other Indonesian leaders she laid the foundation of the republic. What is left now, fifty years later, of the ideals of that time must disappoint her.
Every week she still faithfully goes to the meetings of the dissident Group of 50. "There we can say what is on our hearts. But in the Indonesia of today that is unfortunately only possible within four walls."
PHOTO WILLEM MIDDELKOOP Former minister of labour Surastri Karma Trimurti (83): ".. Subandrio struck a deal with Suharto in order to be able to get free.."